Wereldproefdierendag voor een proefdiervrije toekomst

Wereldproefdierendag voor een proefdiervrije toekomst

15 april 2021 Uit Door Nieuws Online Magazine


24 april Wereldproefdierendag Dierproeven nodig? Eerder overbodig. Op proefdieren testen, dat gebeurt toch niet meer in Nederland? Helaas gebeurt dit nog steeds, en zelfs in ons land worden er elk jaar nog steeds zo’n 450.000 dierproeven gedaan. Daarnaast worden er ook nog eens jaarlijks meer dan 400.000 dieren gefokt en afgemaakt zonder überhaupt gebruikt te zijn voor een dierproef. Dit aantal is veel te hoog, en zou nul moeten zijn. Gelukkig zijn er grootse ontwikkelingen gaande op wetenschappelijk gebied om ervoor te zorgen dat we in de toekomst honderd procent proefdiervrij kunnen zijn. Volgens Stichting Proefdiervrij is een proefdiervrije wereld mogelijk en zijn we zelfs verder dan je denkt.

Groot overschot aan proefdieren
In Nederland wordt er jaarlijks op ruim 450.000 proefdieren getest. Denk hierbij aan muizen, ratten en apen, maar ook aan honden, katten, paarden, cavia’s, konijnen, hamsters, reptielen, schapen en koeien. Helaas is het zo dat de meerderheid (bijna 88 procent) van de dierproeven die jaarlijks gedaan worden in Nederland, een dodelijke afloop hebben. Daarnaast worden er in Nederland jaarlijks ruim 400.000 ongebruikte proefdieren gedood. Dit overschot aan proefdieren wordt ook wel fokoverschot genoemd. Een fokoverschot ontstaat doordat er meer dieren gefokt worden dan dat er gekocht worden door de onderzoekers. Dit kan gebeuren doordat er meer dieren in een nestje zitten dan nodig, of omdat onderzoekers alleen op mannelijke proefdieren willen testen en er ook vrouwelijke dieren in een nestje worden geboren. Ook leeftijd is belangrijk: er kan niet altijd gewacht worden tot de proefdieren nodig zijn; soms zijn deze dan al te oud. Daarbij wordt er constant doorgefokt met genetisch gemodificeerde dieren, ook als er geen vraag is.

‘Het is in deze tijd niet meer te verantwoorden om zo met dieren om te gaan’, aldus Debby Weijers, directeur Stichting Proefdiervrij.

We zijn verder dan je denkt
Stichting Proefdiervrij gelooft in een toekomst zonder proefdieren. Jammer genoeg stuiten we altijd nog op onwetendheid vanuit de maatschappij. Vaak denkt men dat het een keuze is tussen medicijnen voor jezelf en het welzijn van dieren. Om verder te komen in de strijd voor proefdiervrije alternatieven is het belangrijk om onterechte conclusies over proefdiertesten de wereld uit te helpen. Daarom start Stichting Proefdiervrij op 24 april de nationale campagne ‘We zijn verder dan je denkt’ om meer bewustzijn rondom proefdiervrij onderzoek te creëren. Volgens Stichting Proefdiervrij is op dieren testen namelijk onnodig.

Nieuwe ontwikkelingen voor een proefdiervrije toekomst
Tot op heden is het testen op proefdieren helaas nog steeds nodig. Gelukkig zijn er vele ontwikkelingen gaande op wetenschappelijk gebied waardoor het testen op proefdieren in de toekomst overbodig zal zijn.

Dr. Twan de Vries van het LUMC (Leids Universitair Medisch Centrum) heeft bijvoorbeeld een hartmodel ontwikkeld – gebaseerd op gekweekte menselijke hartspiercellen – om de bijwerkingen van medicijnen te testen. Met het model kunnen hartritmestoornissen realistisch nagebootst worden. Hiermee is het mogelijk bijwerkingen tijdig te signaleren zónder dat o.a. honden hiervoor moeten lijden tijdens een proefdieronderzoek. Daarnaast zijn onderzoekers aan het Radboudumc bezig met het ontwikkelen van een 3D-kunsthuid. Het 3D-huidmodel biedt een alternatief voor dierproeven. Met deze kunsthuid is het mogelijk om de interactie tussen bacteriën op de huid en huidcellen op een natuurlijke manier te bestuderen. Deze manier van onderzoek zal meer kennis opleveren omtrent huidzieken zoals eczeem. Daarnaast is het model in te zetten voor de ontwikkeling van gerichte pre-, pro- en antibiotica.

Ook zijn meerdere wetenschappers bezig met zogenaamde organoids; miniorganen die eigenschappen van de mens bevatten. Deze maak je doordat je weefsel krijgt van patiënten. In het AMC Amsterdam wordt deze manier van onderzoek toegepast bij het onderzoek naar virussen. Dr. Katja Wolthers is klinisch viroloog aan het AMC in Amsterdam. Volgens Wolthers heeft het testen op proefdieren soms geen zin: ‘Dieren worden vaak anders geïnfecteerd. Het enterovirus bijvoorbeeld, dat bij de mens via de luchtwegen naar binnen komt. Bij muizen werkt dit anders; eer dat het virus de neus bereikt is het al weg. Dus heb je eigenlijk een ander model nodig.’ Dr. Wolthers gebruikt daarom organoids in haar onderzoek naar virussen in bijvoorbeeld de darmen. De darmorganoid, ofwel het ‘minidarmpje’, kun je dan vervolgens infecteren met het virus. Deze manier van onderzoek maakt proefdieren overbodig.

Debby Weijers, directeur Stichting Proefdiervrij: ‘Ik ben ervan overtuigd dat we de wetenschap kunnen verbeteren door ons te richten op proefdiervrije innovatie. In combinatie met mijn liefde voor dieren ben ik trots om directeur te zijn van een organisatie die werkt aan een toekomst waarin geen enkel dier proefdier hoeft te zijn.’

nieuws online